Update koi van dankbare klanten.

Update koi van dankbare klanten.Zoals je kan zien in het koiaanbod zijn er aantal koi verschenen die normaal niet zo makkelijk bij interkoi te voorschijn komen.

Het gaat hier over enkele kawarimono en ginrin soorten die weliswaar niet door mij zijn geselecteerd, maar die door een collega werden geselecteerd, namelijk Jeroen van Koicentrum van Keulen.

Vermits ik zelf niet zo makkelijk in het Noorden kom waar dit soort koi wordt geselecteerd, want dat hebben ze nu eenmaal niet in het Zuiden, leg ik mijn vertrouwen in mensen waar je vertrouwen in kan leggen.

Dit is in het verleden zo gebeurd, en die samenwerking heeft al tot aangename resultaten geleid, waarover hieronder enkele voorbeelden.

Eerst en vooral iets over de koi die nu zijn aangeboden. De asagi, doitsu karashi en de ginrin benigoi zijn koi dit tot in april in Japan blijven bij de kweker en voorbereid worden op en JYKS (Japan Young Koi Show) in april 2017.

Let wel, dit zijn kleine nisai en geen tosai, laat je dus niet verrassen door de grootte, en vergelijk het zeker niet met de monsters van het Zuiden.

Heb je interesse om één van deze koi aan te kopen, moet je uiteraard sowieso meedoen aan deze koishow in Japan. De kosten om mee te doen aan deze koishow moet je uiteraard pas betalen als het zover is, maar bedraagt in ieder geval 10 000 yen, wat ongeveer neerkomt op ± 90 euro, gerekend aan de koers van vandaag.

De speciale kanoko asagi is ondertussen eigendom geworden van Matthijs en Lobke, die verkikkerd zijn op dit soort koi, en aan wie ik deze koi heb gegeven voor hun erkentelijkheid, trouw en hulp gedurende de 10 jaren van het bestaan van Interkoi.

De ginrin soragoi zijn een “spielerij” van mij. Het zijn redelijk zeldzame koi waar schijnbaar de klanten voor in de rij staan, maar waarvan ik denk dat ze moeilijk verkocht worden. Dat maakt echter niet uit, want af en toe heb ik een zwak voor dit soort koi, en vervolledigen ze toch het aanbod.

Het wordt me soms wel eens verweten dat ik enkel gosanke aankoop, maar ja, het bloed gaat waar het niet kruipen kan. Dit wil niet zeggen dat ik een andere koi niet apprecieer, integendeel….

Een mooi voorbeeld is deze doitsu karashigoi, van Joyce en Roel, die ik via Jeroen verleden jaar had aangekocht. Ja, ik heb af en toe een zwak voor karashigoi, en zeker voor de doitsu versie, maar blijkbaar waren er dit jaar geen degelijke, anders had ik er zeker enkele meer aangekocht.

Hier zie je de karashigoi nog bij aankoop. Toen 57 cm, en ondertussen na één jaartje zomaar eventjes doorgegroeid naar 77 cm, of een lengtegroei van 20 cm.

Ik had er toen een 5-tal aangekocht, en als er klanten zijn die één van deze serie heeft aangekocht zou het fijn zijn om een vergelijk te maken. Het gaat over de codenummers 1510027 tot en met 1510031, waaronder een geschubte en een ginrin karashigoi.

Naast de doitsu karashigoi hadden zij ook nog 2 showa van Momotaro aangekocht uit de reeksen van februari. Hier kreeg ik ook een filmpje van. Het zijn mannen van Momotaro en beide 53 cm, en ze zien er picobello uit.

Vergelijk deze met aankoop en je ziet een duidelijk verschil.
Showa 1602009
Showa 1602014

Een vrouwelijke kohaku die ze nadien toch besloten aan te kopen, ondanks het hogere prijskaartje, kwam van de veiling van april dit jaar. Deze is ondertussen 52 cm en zo zie je maar weer eens dat mannen minstens zo hard in hun beginfase groeien als vrouwen.

Volgens Joyce is de kleine beschadiging boven op haar rug net voor de rugvin gekomen tijdens het overzetten, maar hier hoef je je geen zorgen over te maken, dat komt wel terug in orde. Tijd heelt alle wonden en is een enorm belangrijke faktor om koi op te voeden.

De kohaku bij aankoop. Ik hoop in ieder geval dat ze er over enkele jaren zo dominant uitziet als de de kohaku van Jack. Hier zal het vijveren ook een belangrijke rol in spelen.

Reacties